Om vijf uur hangt de witte jas aan de kapstok.
Daarna bestelt de arts online haar boodschappen met twee tikken, regelt ze haar bankzaken in de rij bij de kassa en appt ze met haar sportclub. Morgenochtend trekt ze de jas weer aan, en stapt ze terug in een wereld die tien jaar achterloopt op de rest van haar leven.
Ik sprak er onlangs over in de podcast ICTRecht door zee, samen met jurist Tessa van Schijndel: die twee snelheden botsen, en de zorg reageert daar begrijpelijk op met terughoudendheid. Immers, hier staan andere dingen op het spel dan bij een boodschappenapp, dus voorzichtigheid is geen luxe.
Twee werelden
Alleen: de patiënt wacht niet tot de zorgsector eruit is. Zo zien we bij BeterDichtbij dat al meer dan anderhalf miljoen Nederlanders ons platform gebruiken om met hun zorgverlener te communiceren, en dat ze de verwachting die ze buiten de zorg opbouwen, meenemen naar binnen. Naar hoe de zorg werkt.
Afgelopen juli liet CZ onderzoeken hoe Nederlanders naar AI in de zorg kijken. Het bleek dat de helft openstaat voor toepassingen waarvoor medische gegevens nodig zijn, mits er iets tegenover staat. En wat precies? Nou, gemiddeld doen we dat voor tien minuten minder wachttijd aan de telefoon.
Tien minuten.
Om dan meteen nog een andere aanname van tafel te vegen: juist zeventigplussers, de groep die AI het minst kent en gebruikt, blijken het meest pragmatisch over het delen van hun gegevens als het helpt. En dat is precies de groep waar de zorgsector zich regelmatig achter verschuilt, als in: we kunnen niet te hard gaan, want ouderen kunnen het niet, ze zijn er nog niet klaar voor!
Maar blijkbaar zijn ze dat dus wel, en is het de zorgsector juist die het tempo bepaalt.
Vertrouwen is een feature
We willen alleen niet dat AI zich met diagnoses gaat bemoeien. De patiënt zegt dus eigenlijk: neem me mijn wachttijd af, maar niet mijn dokter. Het lastige is alleen dat we zien dat dit vertrouwen in ‘de dokter’ kwetsbaarder is dan we denken.
Het werkt alleen zolang iemand gelooft dat wat hij ontvangt echt van zijn zorgverlener komt. Stuur je acht keer dezelfde afspraakherinnering vanuit het ziekenhuis of de afdeling, dan verlies je die overtuiging. Niet omdat het technisch misging, maar omdat je de aandacht van je patiënt hebt verspild. En de volgende keer dat er iets belangrijks komt, kijkt hij er niet meer naar.
Daarom is vertrouwen in je visie op digitalisering geen sluitpost maar een feature. Het moet geen checkbox zijn in je DPIA, maar een ontwerpkeuze bij elk bericht dat we versturen.
En laten we ons dan niet verschuilen achter regelgeving. Zoals Tessa van Schijndel van ICTRecht het in de podcast formuleerde: die wetten scheppen juist vertrouwen, en zorgen ervoor dat dit soort oplossingen veilig kunnen bestaan. Het zijn de spelregels waarbinnen we ons met elkaar kunnen bewegen. We hebben ook met elkaar afgesproken dat je een rijbewijs nodig hebt om te mogen autorijden, en niemand vindt dat raar. Binnen die grenzen kan er veel, en is veel ruimte. En soms zul je met die grenzen rekening moeten houden, en binnen dat frame naar een oplossing zoeken.
De maximumsnelheid knelt soms ook. Maar hij is niet de reden om stil te blijven staan.
Naar aanleiding van mijn gesprek in de podcast ICTRecht door zee, samen met Tessa van Schijndel. Deze kun je hier naluisteren:
Op 8 oktober host ik een breakout sessie tijdens het event Grip op zorgdigitalisering, waarin ik je meeneem hoe je als leverancier deze ontwikkelingen kunt gebruiken als kans om het verschil te maken.
Bron: 10 minuten sneller geholpen? Dan mag AI best meekijken bij de zorgverzekeraar — CZ, onderzoek door Miles Research, juli 2026




